Vistechnieken

Vissen is de sport waarbij wordt geprobeerd in het water gevangen vis te vangen. De vis kan alleen in het wild worden gevangen, maar ook in het water van een meer, rivier of vijver. Tot de vistechnieken behoren het vissen met de hand, het spiesen, het vissen met netten, het hengelen, het zetten van vallen en het vissen met handinstrumenten. Vismethodes kunnen zowel manueel als automatisch zijn. Handmatig betekent dat een hengel of een hengel wordt gebruikt om de vis te leiden en de automatische maakt gebruik van een gemotoriseerd systeem om de vis uit het water te drijven en zo te vangen.

Hengelen is de kunst van het gebruik van geworpen visgerei om de vis uit het water te trekken. Hengelen is iets anders dan netvissen en de twee termen moeten dan ook niet worden verwisseld. Bij het vissen met netten worden brede netten over het water gegooid, zodat de vis in de netten zwemt om gevangen te worden. Hengelen is een techniek waarbij de hengelaar op de kop van de vis mikt. De hoek waaronder de hengelaar zijn handen richt, wordt de invalshoek genoemd. Netvissen is een vorm waarbij de vislijn door de lucht naar het doel wordt gegooid.

Veel meren hebben hun eigen vismethode ontwikkeld. In veel landen, zoals Japan, Frankrijk, Engeland, Canada en de VS, is de commerciƫle visserij de norm geworden. In deze landen gebruiken de vissers aas en netten om de vis te vangen. Het aas kan van alles zijn, van insecten tot kleine hagedissen en kikkers, en wordt op zorgvuldig gekozen plaatsen op het wateroppervlak geplaatst. Voor de netten worden levende vissen in netten gedaan en met een lange lijn gesleept.